Edelgesteente werd vaak gebruikt bij antieke juwelen

Kijk hier naar een filmpje over de aankoop en verkoop van sieraden

Antieke juwelen zijn in, net zoals alles wat vintage en retro is. Bij de aanmaak van deze juwelen werden vaak kostbare materialen zoals goud, zilver, platina, diamant en andere edele metalen gebruikt, maar dat was lang niet altijd het geval.

Welke materialen werden er nog bij antieke sieraden gebruikt?

Dat kon eigenlijk om het even wat zijn. Naast voor de hand liggende materialen zoals leder, beenderen, hout en gewoon gesteente (rotsen, keien en dergelijke) valt zeker ook het gebruik van edelgesteente op.

Vier soorten edelgesteente

Edelgesteente kan in vier categorieën ingedeeld worden: mineralen, organische, synthetische gesteenten en simulanten.
• Mineralen komen in de natuur voor en zijn niet-levend. Ze hebben een duidelijk gedefinieerde chemische samenstelling waarbij de atomen in een typische kristallen structuur verenigd worden. Voorbeelden zijn diamant, robijnen, korund, smaragd, kwarts, alexandriet,…
• Organisch gesteente is natuurlijk edelgesteente, gevormd uit levende of ooit levende organismen zoals amber, koraal, schelpen, ivoor en parels (natuurlijke en gekweekte).
• Synthetisch gesteente zijn door de mens gemaakte edelstenen die in essentie dezelfde chemische, fysische en optische eigenschappen hebben als hun natuurlijke pendanten, zoals synthetische diamanten, synthetische robijnen, synthetische smaragd en synthetisch alexandriet.
• Simulanten worden soms ook wel imitaties genoemd. Dit is edelgesteente dat eruitziet als een ander edelgesteente. Ze hebben niet dezelfde chemische, fysische of optische eigenschappen als het edelgesteente waarop ze lijken en vaak hebben ze geen natuurlijke pendant. Ze staan bekend als artificiële producten. Een voorbeeld is strontium titanaat.

Van de meer dan 3000 bekende mineralen worden slechts een handvol als voldoende waardevol beschouwd om er edelstenen van te maken. De kwaliteit die diamant heeft maakt ze voldoende waardevol om er een eigen categorie van te maken. Alle andere edelgesteenten krijgen de naam ‘colored stones’ (gekleurd gesteente) mee.
Diamant is de meest bekende, en gemakkelijkst herkenbare edelsteen van de wereld. Economisch vormt diamant de meest waardevolle categorie van edelstenen.
De eerste diamanten werden al rond 500 voor Christus in India gevonden. Toen wist men nog niet hoe diamanten te slijpen. Deze edelstenen werden toen in hun pure vorm bewaard, of verwerkt in ringen, als talisman tegen slechte geesten of om de drager te beschermen tegen onheil. De Romeinen zetten deze traditie verder. In de middeleeuwen schatten de Europese aristocraten diamant hoog in omwille van zijn zeldzaamheid.
In India hielden de vorsten en lokale handelaars de beste diamanten klassiek voor zichzelf. Het was slechts de diamant van mindere kwaliteit die via handelsroutes in Europa belandde. Dit zette Europese juweelsmeden ertoe aan diamant te bewerken om zo de kwaliteit ervan te verbeteren.
Pas met de industriële revolutie, die de welvaart deed stijgen, kwam diamant langzaam binnen het bereik van gewone mensen. De grote doorbraak kwam toen in Zuid-Afrika rond 1867 op grote schaal diamant ontdekt werd. Rond 1890 werd de productie en distributie van diamant gecontroleerd door De Beers Consolidated Mines, opgericht door Cecil Rhodes. Tijdens de 20stee eeuw groeide de vraag naar diamant constant aan, soms traag, andere keer sneller maar de curve gaat tot op de dag van vandaag steeds verder de hoogte in.

Jommekesalbum Schattenjagers in Bokrijk

Schattenjagers in Bokrijk is de titel van het 251e stripverhaal van Jommeke. De reeks wordt getekend door Studio Jef Nys. Het album verscheen op 4 augustus 2010. Dit is het eerste album waar Gerd Van Loock het scenario voor heeft bedacht.

Personages

In dit verhaal spelen de volgende personages mee:
Jommeke, Flip, Filiberke, Professor Gobelijn, Annemieke en Rozemieke, Pekkie, Choco, Anatool, Marie, Teofiel, Kwak, Boemel, Gravin van Stiepelteen, Odilon, Fifi en De begijntjes.

Verhaal

Bij een televisiestudio zitten ze met een probleem. Niemand kijkt nog naar hun programma’s. De directeur grijpt in en doet een oproep aan alle mensen. Hij vraagt om een nieuw idee. De bedenker van een nieuw kijkcijferkanon zal ook rijkelijk beloond worden. Later op de dag gaat Jommeke naar Filiberke. Filiberke zijn fantasie is werkelijk onbegrensd. Hij is weer een spelletje aan het spelen, namelijk tijdreiziger met zijn supertijdmachine.
Wanneer Jommeke dit ziet, krijgt hij een fantastisch idee. Hij stapt meteen naar de directeur van het televisiestudio en legt hem uit om een zogenaamde teletijdmachine te gebruiken. Met behulp van twee simpele zielen kan een reis naar het verleden in beeld gebracht worden. Flip kan alles filmen door een speciale bril met ingebouwd zendertje die de beelden rechtstreeks naar de regiekamer stuurt. De directeur vindt het idee prachtig. Professor Gobelijn maakt een nepteletijdmachine, wanneer je de sleutel omdraait, komt er een automatisch slaapverwekkende gas vrij. Tijdens de diepe slaap kan dan alles inorde worden gebracht om de simpele zielen bij het ontwaken zich 100 jaar terug in de tijd te wanen.
De simpele zielen zijn niemand minder dan Kwak en Boemel. Bovendien zullen heel wat inwoners hun medewerking verlenen. Ze doen alsof ze zogenaamde voorouders van de huidige bewoners zijn. De perfecte locatie om dit te doen is Bokrijk uiteraard. Jommeke maakt met de computer een nepartikel dat hij in het wetenschappelijk tijdschrift zet. Kwak en Boemel geloven het bestaan van de tijdmachine echt. Ze dromen al van een rooftocht in het verleden. Die nacht trekken ze naar het domein van Gobelijn en stelen de teletijdmachine. Flip filmt alles.
Intussen doet het slaapgas zijn werk en iedereen vertrekt richting Bokrijk. Wanneer Kwak en Boemel ontwaken denken ze al snel aangekomen te zijn in Zonnedorp van 100 jaar geleden. Ze begeven zich al snel op het roverspad. Doch Anatool, die het spel meespeelt, krijgt iets te horen over kostbaar zilver dat tentoongesteld is in het museum van Bokrijk. Hij steelt het zilverwerk. Kwak en Boemel hebben de zogenaamde bewoners van lang geleden gedwongen al hun waardevolle spullen op een kar te laden. Met de kar vastgemaakt aan de tijdmachine willen ze terug naar de huidig tijd. Het slaapgas doet een tweede maal zijn werk. Wanneer ze ontwaken zijn ze aan de schandpaal geketend. Kwak en Boemel krijgen eerst de schuld van de diefstal van het zilverwerk. Maar meteen wordt duidelijk wie echt met het zilver is gaan lopen. Anatool kan al snel ingerekend worden door de politie. Kwak en Boemel wordt duidelijk gemaakt dat alles nep is. Ze zijn niet echt blij omdat ze belachelijk zijn gemaakt voor heel Vlaanderen. Tot het moment de directeur van de televisiestudio hen een beloning overhandigd. Alles is vergeten en vergeven.

www.wikipedia.be

Sieraden in de Oudheid

Sieraden zijn altijd een teken van rijkdom en macht geweest. Ook in de Klassieke Oudheid droegen de mensen al sieraden. Zowel mannen als vrouwen.

Sieraden voor mannen

Mannen droegen alleen een ring, hun zegelring. Hiermee kon hij zijn brieven verzegelen. De afbeelding koos hij vaak zelf. Sulla had een ring waarop de gevangen Jugurtha stond afgebeeld. Caesar droeg een ring met de gewapende Venus, Augustus droeg eerst een ring met een sfinks, laten met de buste van Alexander de Grote en uiteindelijk een ring met zichzelf erop. Pas in de keizertijd begonnen ze meer dan alleen een ring te dragen. Deze ringen hadden vaak een grote waarde doordat er edelstenen in verwerkt waren. De ringen werden gemaakt van goud, zilver, lood, zink of brons. Senatoren hebben lange tijd alleen een ijzeren ring gedragen. Dit was een teken van hun hoge rang.
Vaak geloofden de mensen dat een ring een magische kracht had. Vooral als de ring een edelsteen bevatte. De ring werd dan een talisman.

Sieraden voor vrouwen

Vrouwen droegen ook ringen. Deze ringen waren vaak fijner en eleganter afgewerkt dan die van de mannen. Verder pronkten ze graag met prachtige sierspelden, haarspelden, haarbanden, oorbellen, armbanden, halssnoeren, halskettinkjes en enkelbandjes.
Vrouwen droegen ook vaak kransen en diademen (versierde hoofdbanden). Kransen van bladen van een eik, laurierstruik of een olijfboom werden op religieuze feesten gedragen. Ze dienden ook als teken van overwinning. Kransen van bladgoud werden als sieraad voor een overledene gemaakt. Ze symboliseerden de hoop op de ultieme overwinning, die op de dood.
Romeinse sieraden waren vaak geïnspireerd door Griekse en Etruskische voorbeelden, maar werden zwaarder, luxueuzer en duurder gemaakt.
Uit plinius de Oude zijn we te weten gekomen dat Lollia Paulina, een van de echtgenotes van Caligula, een keer juwelen droeg ter waarde van veertien miljoen sestertiën. Een sertertius bevat 0,072 gram goud, dat betekent dat ze iets meer dan duizend kilo goud droeg.
Armbanden werden rond de pols, de bovenarm of rond de enkel gedragen. Ze bestonden uit een eenvoudige platte cirkel uit brons, goud of zilver. Zo’n armband kon hol zijn of gemaakt zijn uit massief metaal. Soms was de cirkel onderbroken, het uiteinde paste dan in het andere. Vaak werden sieraden gemonteerd in een armband. Een filigraan was een fijne en kostbare bewerking van het edelmetaal. Hierbij werden zeer dunne metaaldraden samen gelast en vormen de kostbare versiering van een armband. Mannen droegen zelden armbanden.
Ook aan kettingen hechtten Romeinen zeer veel waarde. Ze dachten ook dat sommige kettingen magisch krachten hadden die de drager beschermden tegen allerlei kwalijke ziektes of tegenslagen.
In het begin van de Republiek bestond er een wet die vrouwen verbood meer dan één ons goud te bezitten. In de senaat werd fel gedebatteerd of deze wet afgeschaft moest worden of niet.
Seneca vond dat vrouwen hun vermogen met zich meedroegen. En voornamelijk aan de oren. Romeinse vrouwen hadden dan ook meerdere hangers in hun oren. Een beschrijving van een riem uit Ithaka: de riem bestond uit een gouden lint met een knoop als sluiting. Aan elke zijde van de knoop zijn er drie koorden verbonden met de riem door een ring geplaatst boven een masker van Silenus, opnieuw eindigend in granaatsteen.

Sieraden voor kinderen

De kinderen droegen bij de toga een bulla, een amulet aan een halsketting. Dit kreeg hij waarschijnlijk tijdens een naamgevingsceremonie enkele dagen na zijn geboorte.

Met dank aan www.scholieren.com/werkstukken

Tongers reliekschrijn geeft geheimen prijs en is een waar juweeltje

Een eeuwenoud reliekschrijn uit de Tongerse Begijnhofkerk geeft eindelijk zijn geheimen prijs. Slotenmaker Etienne Lampaert wist het schrijn dat al jarenlang gesloten was eindelijk te openen. In het schrijn zitten een aantal relieken, verpakt ik kostbaar fluweel waarin wellicht goud- en zilverdraad verwerkt is.

Geheimen prijsgegeven

Het Belang van Limburg meldt: “Het eeuwenoude reliekschrijn uit de Begijnhofkerk heeft eindelijk zijn geheimen prijsgegeven. Het 16de- eeuwse schrijn zag voor het laatst het daglicht bij de Kroningsfeesten van 1890. Al die tijd bleef het gesloten – ondanks verwoede pogingen om het meubel te openen. Tot slotenmakerij Lampaert uit Diepenbeek redding bracht en de klus in geen tijd klaarde.
Stadsarchivaris Steven Vandewal was bijzonder opgetogen over de interventie van de Diepenbeekse slotenmakerij. Eerder had Veerle Stinckens, die het schrijn had gerestaureerd, ook al pogingen ondernomen om het deurtje aan de zijkant van het houten meubel te openen – zonder succes. “We waren erg gebrand om het reliek aan de binnenzijde een behandeling met boenwas te geven”, aldus Steven Vandewal.

Handbeentje Jezus

Na de succesvolle spontane interventie van de slotenmaker kon de stadsarchivaris de inhoud van het schrijn eindelijk bewonderen. “Er zaten meer dan twintig stoffen beursjes in. Ze bevatten een paar honderd relieken uit de 15de eeuw. Het gaat o.a. over een stukje van de rots van Petrus en een beentje van de hand van Jezus”.
De relieken stemmen overeen met de figuren die op het schrijn staan afgebeeld. Er stak ook een soort inventaris in. “Een lijst uit 1735 in het Oudnederlands. Dat maakt het ons een stuk makkelijker om de inhoud te achterhalen.”

Kostbaar textiel

Steven Vandewal is vooral verbaasd over de goede kwaliteit van het gebruikte textiel. Hij deed beroep op de kennis van de Antwerpse Frieda Sorber, verbonden aan het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (K.I.K.) en het Modemuseum van Antwerpen. Zij is vooral gefascineerd door zes beursjes met waardevol textiel.
“Vroeger schonk men kostbare voorwerpen aan de kerk. Dat gebeurde ook met textiel. Hier kreeg het een tweede leven als reliekomhulsel. Een fluwelen gewaad uit die tijd heeft dezelfde impact als een Maserati of een Rolls Royce nu.”

Culturele rijkdom

Sorber liet zich bijstaan door Joy Boutraup uit Denemarken. Zij werkt voor het Nationaal Museum in Kopenhagen en heeft zich gespecialiseerd in middeleeuwse beursjes. Ook Erfgoedschepen Christiane Thys toont zich erg opgetogen met de ‘vondst’. “Een mooi voorbeeld van de culturele rijkdom die de oudste stad nog verbergt.”
Het Reliekschrijn wordt binnenkort overigens tentoongesteld in het onlangs geopende Begijnhofmuseum. “Maar dan wel zonder de inhoud, want die blijft in het archief”, aldus stadsarchivaris Vandewal.